Wat gaan we bezoeken in Argentinië?
Argentinië is een Spaanstalig land in het zuiden van Zuid-Amerika, tussen de Andes en de zuidelijke Atlantische Oceaan. Het grenst aan Bolivia, Brazilië en Paraguay in het noorden, Uruguay in het oosten en Chili in het westen. In het oosten heeft Argentinië een lange kustlijn met de Atlantische oceaan. Argentinië kan ruwweg in drieën gedeeld worden: de vruchtbare vlaktes van de pampa's in de noordelijke helft van het land, de bron van de Argentijnse agrarische rijkdom; het licht geaccidenteerde plateau van Patagonië in de zuidelijke helft tot aan Vuurland, en de rotsachtige Andes-bergrug langs de westelijke grens met Chili, met de Aconcagua als hoogste punt (6960 meter). Het Argentijnse klimaat is voornamelijk gematigd. Het Noorden is subtropisch, het zuiden droog en sub-Antarctisch.
Salta is een stad in het noordwesten van Argentinië en is de hoofdstad van de gelijknamige provincie. De zesde stad van het land ligt tegen het Andes-gebergte aan. De stad ligt in de Lerma Vallei op 1.152 meter hoogte. Het klimaat is warm en droog met een gemiddelde temperatuur van 16,4 °C (20,4 °C in de zomer, 10,8 °C in de winter). De stad heeft als bijnaam 'la Linda' of 'de schone' en wordt jaarlijks bezocht door vele tienduizenden toeristen, aangetrokken door de indrukwekkende koloniale gebouwen, zoals de 18e-eeuwse Cabildo, de kathedraal, en het Plaza 9 de Julio stadspark.
Quebrada de Humahuaca is een vallei in de provincie Jujuy in het noorden van Argentinië. De vallei biedt al 10.000 jaar ruimte aan een belangrijke culturele en handelsroute, de Camino Inca, tussen het Andes-hoogland en het lager gelegen achterland. Deze vallei loopt langs de Rio Grande (vanaf de bron tot de samenvloeiing met de Rio Leone 150 km verder naar het zuiden). Zichtbaar zijn de sporen van prehistorische jachtgemeenschappen, het Incarijk (15e en 16e eeuw) en de onafhankelijkheidsstrijd (19e en 20e eeuw). De vallei werd als cultureel landschap in 2003 aan de Werelderfgoedlijst toegevoegd.
Laguna de los Pozuelos is een groot gebied van ongeveer 15.000 hectare. Het ligt op een hoogvlakte op 3.650 meter boven de zeespiegel, omgeven door parallelle bergketens van noord naar zuid. Er is geen ontsluiting naar zee, waardoor er grote, ondiepe meren onstaan door de weinige regen en de sneeuw die zicg ophopen. Dit gebied heeft ongeveer 44 soorten vogels. In het gebied zijn talrijke inheemde soorten te vinden, die door de aanpassingen aan de extreme omgeving alleen hier voorkomen. Ook is het de broedplaats tot wel 25.000 flamingo's.
De
Salinas Grandes is een zoutwoestijn in het grensgebied van de Argentijnse provincies Jujuy en Salta op een gemiddelde hoogte van 3.450 meter. Het heeft een oppervlakte van 212 km². Het gebied vindt zijn oorsprong tussen de 5 en 10 miljoen jaar geleden. Toen was het een stroomgebied van zeewater. De actieve vulkanen zorgden voor een geleidelijke verdamping van het zeewater en een enorme zoutneerslag. Deze neerslag vormde een korst met een gemiddelde dikte van 30 centimeter. Het is stralend wit, en vormt samen met de bijna altijd blauwe lucht, een landschap met een adembenemende schoonheid.


De
Calchaquí Valley (Spaans: Valles Calchaquies) is een gebied in het noordwesten van Argentinië, die de provincies Catamarca, Tucumán en Salta kruisen. Het is het beste bekend om het contrast van kleuren en de unieke geografie, dat varieert van de berg woestijn tot de subtropische bos. Er zijn een aantal valleien en rivieren in de Vallei Calchaquí, zoals de Quebrada del Toro (Kloof van de Bull), Valle de Lerma (Lerma Vallei) in de buurt van de stad Salta, de Quebrada de Escoipe gevormd door de Escoipe River, de Valle Encantado aan de voet van de Cuesta del Obispo, de Quebrada de las Conchas van de rivier in de buurt van Cafayate Conchas, de vallei van de rivier de Santa María en de Calchaquí rivier zelf.
Deze valleien werden ooit bewoond door een aantal stammen. Ruïnes van de Quilmes kan worden gevonden in Tucumán. Andere stammen van het gebied onder de Calchaquies, Tafi, en de Yokavil (Santa Maria). Decennia voor de invasie van de Spaanse kolonisatie, werden de inwoners van deze gebieden het slachtoffer van de invasie van het Inca-rijk.
Buenos Aires (Spaans voor: goede luchten) is de hoofdstad van Argentinië, en ook het economische en culturele centrum ervan. Met 2,8 miljoen inwoners (in 2001) is het de grootste stad van het land. Aangezien Buenos Aires bijna een derde van de Argentijnse bevolking huisvest, overheerst het met zijn economie de rest van het land. De stad wordt aan de landzijde geheel omsloten door de provincie Buenos Aires, maar maakt zelf geen deel uit van die provincie. Buenos Aires is een federaal district en valt buiten de provinciale indeling van Argentinië. Dankzij talloze winkels en boetieks, zijn architectuur, zijn culturele leven, restaurants en zijn kosmopolitische bevolking van overwegend Italiaanse, Spaanse, Franse, Duitse, Engelse, Oost-Europese, Arabische en Aziatische herkomst, staat Buenos Aires ook als het Parijs van het zuiden bekend. De stad is een van de meest Europese van Zuid-Amerika en van het hele zuidelijk halfrond, en ooit kon het met zijn noordelijke tegenspelers wedijveren. De stad beleefde zijn gouden tijd tussen 1880 en 1920, toen Argentinië tot de tien welvarendste landen van de wereld behoorde.
De Iberá moerassen (Esteros del Iberá, wat "helder water" betekent), is een gebied in de provincie Corrientes, Argentinië. Het kenmerkt zich door de vele moerassen, venen, meren en lagunes. De moerassen zijn met een oppervlakte van 20.000 km² een van de grootste moerassen ter wereld en een van de belangrijkste zoetwaterreservoirs van Zuid-Amerika. Het gebied is bekend om zijn grote biodiversiteit. De twee alligatorsoorten uit Argentinië, de Yacarekaaiman en de breedsnuitkaaiman komen voor in dit gebied. Verder leven er ongeveer 350 verschillende vogelsoorten.
De
watervallen van de Iguaçu (Spaans: Cataratas del Iguazú) vormen het grootste complex van watervallen in Zuid-Amerika. Ze liggen op de grens tussen de Argentijnse provincie Misiones en de Braziliaanse staat Paraná. Hetgeen de cataratas wordt genoemd is een geheel van tussen de 270 en 300 watervallen, afhankelijk van de hoeveelheid water die door de rivier Iguaçu stroomt. In totaal zijn de watervallen 2,7 kilometer breed en vallen tot 82 meter naar beneden. Het bekendste deel van de watervallen is de "Garganta do Diabo" (keel van de duivel), een grote halfronde waterval van 150 meter breed waarin het water 70 meter in de diepte stort. Recht over dit punt gaat bovendien de grens tussen Argentinië en Brazilië, waardoor het grootste deel van de watervallen in Argentijns gebied ligt. Het water stroomt echter weg van Argentinië, waardoor het meest complete uitzicht van de Braziliaanse kant te zien is. De watervallen bevinden zich in twee nationale parken, Nationaal park Iguazú in Argentinië en Nationaal park Iguaçu in Brazilië, die in 1984 en 1986 respectievelijk aan de lijst van het UNESCO Werelderfgoed werden toegevoegd. Vlakbij de watervallen bevinden zich twee steden. De grootste ligt in Brazilië en heet Foz do Iguaçu, de andere stad is Puerto de Iguazú in Argentinië. Niet veel verder is ook de Paraguayaanse stad Ciudad del Este, het drielandenpunt tussen Argentinië, Brazilië en Paraguay, en verderop ook nog de Itaipudam.
