dinsdag 24 augustus 2010

Hoge meren en woestijn

Vliegveld Calama
Zondag 22 augustus 2010. Na een lange vlucht zijn we via Santiago naar Calama gevlogen. De vlucht met Iberia naar Santiago was met een oud toestel. Echt, als je kan kiezen tussen Iberia en Lan, doe dan die laatste maar. Onderweg lichte turbulentie gehad. Maar we zijn de nacht vrij goed slapend doorgekomen. In Santiago moesten we de koffers weer ophalen en opnieuw inchecken. We vliegen met Lan en krijgen stoel 1A en 1B. Helemaal vooraan. We zitten naast een Duitser die met drie vrienden op weg is naar San Pedro. Het blijkt ook een fervente fotograaf, dus genoeg stof om tijdens de twee uur durende vlucht de tijd te doden. In Calama gaat alles een stuk makkelijker. Lopend vanaf het vliegtuig naar de terminal, geen douane, koffers worden met een trekker van het vliegtuig naar het kleine gebouwtje gebracht. Het vliegveld licht midden in de woestijn. Vlak voor de landing maakte de piloot een flinke draai waardoor we de landingsbaan zagen liggen. Vanaf het vliegveld hebben we een transfer geregeld naar san Pedro. Een rit van anderhalf uur.

Aangekomen in San Pedro
San Pedro is een stadje. Maar eigenlijk klinkt dat meer dan het in werkelijk is. Gewoon een paar adobe huisjes, gemaakt van klei en stro, met stoffige straatjes. Het hostel wordt gerund door Teresa en Hernan. De ontzettend lieve vrouw wijst ons de weg in gebrekkig Engels, en vertelt honderd uit in meer Spaanse woorden dan Engelse dat ze naar haar studerende zoons gaat. Haar man die absoluut geen Engels spreekt blijft hier. We komen de vier Duitsers weer tegen en besluiten samen een tour te boeken voor de volgende twee dagen. 's Avonds eten we samen in een restaurantje vlak bij ons hostel. Er is nog niemand in het restaurant. Er staat voetbal op en Collo Collo, de grootste voetbalclub van Chili speelt tegen een andere Chileense club. Uiteraard wordt het na de wedstrijd een stuk drukker. Maa dan vallen wij om van de slaap en besluiten naar bed te gaan. Het is half tien 's avonds. In Nederland dus half vier 's nachts.

Maandag 23 augustus 2010. Vannacht goed geslapen. Toch een beetje last van de jetlag, waardoor we om twee uur al weer wakker werden. Vandaag moeten we vroeg op. Maar dit is iets te vroeg. Om zes uur staan we voor de hostel en worden daar opgehaald door onze gids van vandaag. Hij heet Paul. De zon komt al snel op. We rijden over de woestijnvlakte waar alles redelijk vlak is. Aan de linkerkant zien we een bergkam. Het ziet er heel anders uit dan je van een bergkam verwacht. Compleet vlak schuin omhoog. Alsof alles door stromend water is gevormd.

Andean flamingo's
Rond zeven uur zijn we bij Laguna Chaxa. We zijn de eerste en zien heel veel flamingo's. Twee soorten: Andean en Chileno flamingo. En ongelofelijk dichtbij. Prachtig om te zien hoe ze door het water fourageren. Dit punt is het breedste stuk land van Chili. Hier heeft geen zee gestroomd. Er zijn dan ook geen fossielen gevonden in dit gebied. Al het zout komt van de bergen dat door stromend water is gevormd. In tegenstelling tot Bolivia is hier de zoutvlakte niet echt vlak. Doordat er te weinig regen valt wordt het zout niet opgelost, maar zakt het water door het zout heen. In dit gebied hebben ze slechts 25 mm regen per jaar. Dit komt door de Boliviaanse winter, die vooral daar genoeg regen laat vallen. Slechts een paar wolken halen het over de Andes naar Chili. Even later stoppen we in het dorpje Socaire op 3.260 meter hoogte. Hier lopen we een klein stukje om aan de hoogte te wennen. Paul geeft uitleg over de irrigatie kanalen. Twee keer per week wordt het gebied voorzien van water, waardoor het mogelijk is gewassen te telen. Ook laat hij een plant zien waar kruidenthee ricarica van gemaakt wordt. Een soort dun korrelig plantje wat een beetje naar rozemarijn ruikt. We stappen weer in de bus en rijden verder naar Laguna Miniques en Miscanti.

Na een hobbelig pad komen we bij het eerste meer aan. Miscanti is 15 km2 groot en waarschijnlijk gevormd door een gletsjer. Het is 150 meter diep. Helaas droogt het meer op, wat zichtbaar is aan de randen. Er loopt een groepje vicuna's en in het meer zwemmen Grote Meerkoeten en Andische meeuwen. We lopen langs het meer omhoog een heuvel over om bij het tweede meer te komen. Dit meer, Miniques, ligt vijf mete lager en wordt door een ondergrondse stroom water van Miscanti gevoed. Het is slechts 1,5 km2 groot. De wandeling is een flinke beproeving voor hoogteziekte. Het lichaam kan nu wennen aan de hoogte. We zitten nu op ongeveer 4.280 meter en voelen alleen een sneller kloppend hart. Maar dat schijnt normaal te zijn vanwege het lage zuurstofgehalte. Rond half twaalf gaan we terug naar beneden naar Socaire.

Op de terugweg legt Paul uit dat de platte rotsen, waarvan we dachten dat het lava was, as uit de vulkaan blijkt te zijn. Dit is weer bedekt met klei. Met het as kwamen ook gassen uit de vulkaan vrij. De grote gaten zijn ontstaan door gasbellen die in de tijd door erosie boven kwamen en leeg gelopen zijn.

In Socaire stoppen we voor lunch, gevolgd door een tussenstop in Toconao. De kerktoren in dit dorpje staat op het plein met daarachter een klein kerkgebouwtje. De klok in de toren is ongeveer 250 jaar oud. De toren is al vele malen opnieuw opgebouwd na diverse aardbevingen en branden. Het dak aan de binnenkant van de kerk is gemaakt van cactushout. Door de vele aardbevingen is er nog maar een klein stuk van cactus. De rest is van Boliviaans zwart bamboo gemaakt. Bij het altaar staat geen gekruisigde Jesus maar verschillende nissen met diverse beelden. Toen de Spanjaarden hier het Christelijk geloof wilden introduceren, was een kruis te confronterend. Het kruis is daarom links in een aparte vleugel geplaatst. De lokale geloven werden gebruikt als beelden in het centrale altaar.

Terug in San Pedro lopen we het dorpje in op zoek naar een inbus sleuteltje. Het statief zat een beetje los. Inmiddels weten we dat een inbussleutel niet heel gebruikelijk is. Uiteindelijk bij een hostel waar een man met draden van een pc bezig was, werden we geholpen. In het Spaans is een inbussleutel chavez alin (of zoiets). Dat weten we dus ook weer. Ook hebben we alvast een busticket geregeld voor aankomende zondag naar Salta. Ook hier geen enkel woordje Spaans, maar met een kalender en een plattegrond van de bus kunnen we twee tickets kopen. Nog even langs de supermarkt voor wate en koekes en dan kunnen we nog lekker genieten van de zon op ons terrasje.

Morgen nog vroeger op, want om vier uur worden we opgehaald om naar de Tatio geisers bij zonsopkomst te zijn. Maar weer vroeg naar bed...

1 REACTIE(S):

Anoniem zei

Hee Brenda en Niels,

Wat leuk om jullie zo te volgen! Ik heb tijd zat, helaas, zoals jullie weten.
Ik ben benieuwd op welke mooie plekken jullie dit keer belanden en wens jullie veel plezier, geluk en gezondheid met dit avontuur.
Groetjes je kreupele buurman Richard.
Per 28-08 huur ik , zolang ons huis te koop staat, een zomerwoning in Sint Pancras. Back to my rooots zeg maar....

Een reactie posten