zaterdag 28 augustus 2010

High attitude in Bolivia

Woensdag 25 augustus 2010. Om kwart voor acht leren we bij Cordillera Traveller onze reisgenoten voor de aankomende dagen kennen: Takeru uit Japan en Martin uit Engeland. Op naar Bolivia! Net aan de rand van San Pedro krijgen we paspoort controle. Erg raar, omdat we voorlopig de grens niet over gaan. Eerst gaan we nog over asfalt, maar al snel gaan we van de weg af over gravel. Tien minuten later komen we bij de Boliviaanse grens waar we overstappen op de jeep. De paspoort controle is een lachertje. Hoe moeilijk ze in Europa doen, zo makkelijk gaat het hier. Het douane kantoor hangt vol met oude verkleurde posters en een foto van de president. Het gebouwtje is oud en versleten. Gewoon even je paspoort laten zien, wat stempeltjes en we kunnen weer verder.

Op 4.300 meter hoogt pompt Ruben even de achterband op.
Onze bestuurder heet Ruben. Hij rijdt als een zeer ervaren gids door het gebied. Af en toe steekt hij een stukje af om vrachtwagens te ontwijken, dwars door het gebied met rotsen en zand. De kleuren zijn ongelofelijk mooi en gevarieerd. Telkens als we willen stoppen voor foto's lacht Ruben breed uit. Hij vertelt veel, alles in het Spaans. Hij blijft maar door gaan, terwijl we de helft maar begrijpen. We komen langs diverse gekleurde meren. Allemaal even bijzonder. Bij het zoutmeer nemen Brenda en Martin een duik in een warmwaterpoel. Net als we er in duiken komt er een enorme zandstorm over. Compleet gezandstraald! Het water is zo warm, dat je geen zin hebt om eruit te gaan. Heerlijk! Niels heeft ondertussen echt prachtige foto's gemaakt. Even later gaan we weer verder en komen langs bizarre rotsformaties. Deze zijn vernoemd naar Salvador Dali, vanwege de gekke vormen. Aan het einde van de middag stoppen we bij Laguna Colorado voor de lunch. Hier slapen we op 4.300 meter hoogte. Je moet echt de juiste attitude hebben op deze hoogte. Ons lichaam is namelijk helemaal niet ingesteld op deze hoogte. Nog geen week geleden zaten we nog thuis onder het zeeniveau. Het hoogste punt van vandaag was ongeveer 4.970 meter. We komen allemaal aan met een flinke hoofdpijn. Het eten, een coca thee en wat rust doen wonderen. De nacht zal behoorlijk koud worden.

Donderdag 26 augustus 2010. Zo, dat was vannacht even koud zeg. De hoogte merken we ook. 's Nachts diverse keren wakker geworden met hoofdpijn en moeilijkheden met adem halen. Na het ontbijt vertrekken we om acht uur. We gaan door de Siloli woestijn, met vreemde rotsformaties. Daarna gaan we langs diverse hooggelegen en gekleurde meren. Er fourageren grote groepen flamingo's. Als we halverwege de middag in Chuvica aankomen, vertelt Ruben dat er een probleem is en dat we moeten wachten. Zal het eindelijk een nieuwe achterband zijn? Hij kijkt namelijk de hele dag uit het raam naar de achterband. Als hij de auto weer in komt, begint hij in het Spaans te ratelen en we begrijpen er geen van allen wat van. De enige woorden die we opvangen zijn problema en carne. Oftewel, er zijn problemen en het heeft met vlees te maken. Wij proberen uit te leggen dat we naar het zouthotel willen en het niet erg is als er geen vlees is. Dan maar soep met brood. Geïrriteerd stapt hij weer in en rijden we verder de woestijn in. De ietswat gespannen sfeer wordt erger als hij elke tegemoet komende jeeps tegen houdt en om vlees vraagt en 'nee' krijgt te horen. De zon gaat al bijna onder en uiteindelijk belanden we toch in het zouthotel aan de rand van de zoutvlakte Uyuni. Het hotel (beetje te luxe benaming) is compleet gemaakt van blokken zout. Alles, behalve het toilet en de lampen. Uiteraard zijn we zeer benieuwd naar het avondeten. Het is soep met brood. Daarna komt toch het vlees. Er is kip voor iedereen! 's Avonds zien we een prachtige sterrenhemel en daarna komt de maan op. Nog nooit zoiets moois gezien!

Samen op de zoutvlakte Uyuni.
Vrijdag 27 augustus 2010. Absoluut beter geslapen. Wel weer vroeg op om de zonsopkomst te zien op de zoutvlakte. Een redelijk ontbijt en dan snel de zoutvlakte op. In het donker gaan we op pad. Alles is zo ongelofelijk wit. Niet normaal. Hoe ver we ook kijken, alles is wit. De totale oppervlakte is 12.000 km2. Als de zon op komt stoppen we voor wat foto's. Niet veel later zijn we bij een eilandje midden in de zoutvlakte. Hier groeien mega grote cactussen. Al wandelend verkennen we het eiland. Sommige cactussen zijn wel 10 meter hoog. Met de auto gaan we verder over de zoutvlakte. Supervlak is het gebied. Sommige auto's verdwijnen gewoon in de verte. Midden op de zoutvlakte stoppen we voor het maken van wat grappige foto's.

Martin, Takeru, Brenda en Niels.
In het eerste dorpje dat we tegen komen hebben we lunch: spaghetti, snitzel en aardappelen. Na de lunch rijden we door naar Uyuni. Er is een festival gaande met muziek en in traditionele kleding dansende mensen. Prachtige foto's kunnen maken. Om drie uur vetrekken we weer vanaf het kantoor van Cordillera Taveller en nemen we afscheid van Martin die verder reist naar het noorden van Bolivia. De nieuwe chauffeur heet Eduardo, voorin zit een Engelsman Mark genaamd. En wij zitten met Takeru in het midden op de achterbank. Na een half uur zijn we de Boliviaanse muziek zat en gaat onze iPod aan. We rijden over een stoffige maar vooral rechte piste richting Villa Mar waar we overnachten. Bij San Cristobal stoppen we even om de benen te strekken. We lopen een overdekte markt in. Niels wil een broodje ham kopen, maar als hij wil betalen, heeft hij te groot geld. Een man die daar zit kan wisselen maar het is nog steeds te groot. Uiteindelijk krijgt Niels het broodje van de man. Super aardig.

Het is nog twee uur rijden naar Villa Mar. We gaan door een zeer verlaten landschap. Dan is de weg afgesloten en zwaait een man bij het begin van de wegwerkzaamheden. Er ligt geen asfalt maar ze zijn bezig de piste vlakker te maken. We worden bijna aangereden door een machine. Verderop staat een vrachtwagen met één wiel op de weg en de rest ernaast. Niet veel verder wordt een band verwisseld. Hopelijk blijft bij ons alles heel. Voor ons ligt een enorm groot dorp tegen de bergen. Maar als we dichterbij komen zien we dat het dorp rotsformaties zijn. Hier gaan we van de weg af en rijden zonder bordaanwijzingen de middle of nowhere in. Langszaam gaat de zon onder. We zien in de graslanden nandu's (een soort kleine struisvogel) lopen. Maar ook lama's en vicuna's. Rond half zeven komen we aan in Villa Mar, waar onze chauffeur geld moet betalen voor hij het dorpje in mag. Bij het hostel pakken we uit en is het wachten op het avondeten. Niels en Takeru voetballen buiten een beetje. Na het eten liggen we al snel op bed. Morgen weer vroeg op.

Zaterdag 28 augustus 2010. Slecht geslapen door de hoogte. Iedereen is blij als de wekker om half vijf gaat. Snel inpakken en wegwezen uit deze koude boel. Helaas duurt het nog erg lang voordat de zon opkomt. De chauffeur gebruikt de verwarming niet en de ijssterren staan op het raam. De terugweg duurt lang en is verschrikkelijk slecht: hobbelig, veel bochten, smalle kloven en hoge bergpassen. Maar de kou is het aller ergst. Wellicht is de verwarming kapot doordat de auto al meer dan 250.000 km heeft gereden en de helft van de meters het ook niet doen. Rond acht uur komt de zon over de bergen en stoppen we bij dezelfde warmwaterpoel als op de heenweg. Dit keer alleen pootjes in het water. Gewoon te koud om er in te duiken. Rond negen uur zijn we bij de Boliviaanse grens en krijgen we na de benodigde stempels een ontbijtje. De wind is hard en koud, dus we willen snel afdalen naar San Pedro. We stappen over op een busje en beginnen aan de afdaling. In een uur tijd van 4.600 naar 2.400 meter. Bij de grenscontrole in San Pedro begint het lange wachten. Eerst paspoortcontrole en visum, daarna tassencontrole. Niet veel later komen we aan in San Pedro en nemen we afscheid van Takeru. Bij het hostel is niemand te vinden. De schuifpoort is los en als we richting de kamers lopen hangt er een briefje aan het raam dat we kamer twee hebben. Wat ontzettend lief van Teresa dat we de kamer al kunnen gebruiken. Even lekker douchen en de was doen.

We zijn blij dat we weer op een normale hoogte zitten. Bolivia was afzien, maar het was het absoluut waard! Morgen nog één keer de hoogte in, om de Andes over te gaan naar Argentinië.

woensdag 25 augustus 2010

Genoeg te doen hier

Dinsdag 24 augustus 2010. Dat Chilenen klein zijn is overal aan te merken. Aan de deuren, de tafeltjes, het toilet, maar vooral aan het bed. We slapen op een bed dat voor een tweepersoons bed moet doorgaan. Maar eigenlijk is het net iets breder dan een twijfelaar waarbij onze voeten over de rand bungelen. Afgelopen nacht weer rond één uur wakker. Helaas vielen we net lekker in slaap toen de wekker om half vier ging.

Rond vier uur worden we opgehaald door dezelfde gids als gisteren, Paul. Het lijkt minder koud als gisteren. Maar dat kan ook komen doordat we meer lagen kleding aan hebben. We zitten in een andere bus en nemen plaats op de achterbank die nog vrij is. Naast de vier Duitsers zitten er ook twee Nederlanders bij. De weg naar El Tatio is 90 km lang en het duurt bijna twee uur. Buiten wordt het steeds kouder. We gaan dan ook steeds hoger en hoger. Door de volle maan kunnen we onderweg genoeg zien. Alleen is het zo vroeg dat we allebei in slaap vallen, ondanks de vreselijk hobbelige weg.

Vlak voor zonsopkomst komen we bij de geisers aan. De ijsbloemen staan op het raam. Het is vreselijk koud buiten. Bij de geisers lopen we gewoon door het geiserveld van de ene naar de andere geiser. Ongelovelijk dat ze geen paden of andere bescherming aan hebben gebracht in het kwetsbare gebied. Het water van de geisers stroomt alle kanten op. Veel stukken grond zijn bedekt met een dunlaagje ijs. Het is daarom voorzichtig lopen.

De stoom is heerlijk warm om even je handen te verwarmen. We lopen langs verschillende geisers. Helaas is het meer stoom dan dat er daadwerkelijk een kolom water de lucht in wordt gespoten. De hoogste komt slechts tot drie meter. De stoomwolken komen wel enorm hoog. Met een opkomende zon is het een geweldig gezicht. Het eenvoudige ontbijt kan het niet meer kapot maken.

Even later zitten we bij een warmwaterpoel. Het is veel te koud om te zwemmen. Maar even met de voeten in het water warmt het hele lijf weer op. Op de terugweg zien we van heel dicht bij vicuna's lopen en ook een nandu (een soort kleine struisvogel). Als het busje een heuvel op moet, het allerhoogste punt van de dag o 4.600 meter, halen we het niet. Gevolg is dat we lopend en het busje duwend naar boven moeten. Een flinke inspanning op de hoogte, maar wel met een geweldig uitzicht.

We komen nog langs een cactusvallei. Deze cactussen hebben een beschermde status gekregen, omdat ze gekapt werden voor het hout. De cactus groeit slechts vijf centimeter per jaar. De hoogste is bijna tien meter. Bij een brug stoppen we zodat we foto's kunnen maken van diverse watervogels. Daarna rijden we terug naar San Pedro waar we rond half één zijn.

We moeten nog de trip naar Uyuni bevestigen, dus daarna doen we wat inkopen voor aankomende dagen. Om drie uur gaan we met de volgende excursie mee: Valle del Luna (maan vallei). In hetzelfde busje als vanmorgen rijden we de heuvels in. In het gebied zijn diverse bergketens. Het kustgebergte, de Andes en een zoutgebergte. Die laatste is maar 145 km lang. We maken een wandeling door een kloof waar we uitleg krijgen over het ontstaan van het gebied en diverse rotsformaties. De volgende stop is bij een enorme duin, ontstaan door gesteente dat langs elkaar heeft geschuurd.

Als we op de asfaltweg draaien, zien we een guanaco vlak langs de weg staan. Hebben wij even mazzel! Vlak voor San Pedro stoppenwe om de zonsondergang te zien. De bergen kleuren prachtig rood. Het is zo mooi dat het gewoon niet is vast te leggen op de gevoelige plaat. Alleen op het netvlies.

Terug in San Pedro nemenwe afscheid van de Duitsers, want wij reizen morgenochtend naar Bolivia. Nadat we alle spullen hebben gepakt, eten we bij het restaurant waar we eerder hebben gegeten.

We zijn best wel moe na zo'n lange dag, dus om half tien gaat het licht uit. Even goed slapen zodat we de volgende dag weer helemaal uitgerust zijn voor de trip naar Bolivia.

Woensdag 25 augustus 2010. Vroeg wakker. Alle spullen ingepakt en ontbijt gemaakt. Om kwart voor acht lopen we naar Cordillera Traveller waar we onze reisgenoten leren kennen: Takeru uit Japan en Martin uit Engeland. Op naar Bolivia.

dinsdag 24 augustus 2010

Hoge meren en woestijn

Vliegveld Calama
Zondag 22 augustus 2010. Na een lange vlucht zijn we via Santiago naar Calama gevlogen. De vlucht met Iberia naar Santiago was met een oud toestel. Echt, als je kan kiezen tussen Iberia en Lan, doe dan die laatste maar. Onderweg lichte turbulentie gehad. Maar we zijn de nacht vrij goed slapend doorgekomen. In Santiago moesten we de koffers weer ophalen en opnieuw inchecken. We vliegen met Lan en krijgen stoel 1A en 1B. Helemaal vooraan. We zitten naast een Duitser die met drie vrienden op weg is naar San Pedro. Het blijkt ook een fervente fotograaf, dus genoeg stof om tijdens de twee uur durende vlucht de tijd te doden. In Calama gaat alles een stuk makkelijker. Lopend vanaf het vliegtuig naar de terminal, geen douane, koffers worden met een trekker van het vliegtuig naar het kleine gebouwtje gebracht. Het vliegveld licht midden in de woestijn. Vlak voor de landing maakte de piloot een flinke draai waardoor we de landingsbaan zagen liggen. Vanaf het vliegveld hebben we een transfer geregeld naar san Pedro. Een rit van anderhalf uur.

Aangekomen in San Pedro
San Pedro is een stadje. Maar eigenlijk klinkt dat meer dan het in werkelijk is. Gewoon een paar adobe huisjes, gemaakt van klei en stro, met stoffige straatjes. Het hostel wordt gerund door Teresa en Hernan. De ontzettend lieve vrouw wijst ons de weg in gebrekkig Engels, en vertelt honderd uit in meer Spaanse woorden dan Engelse dat ze naar haar studerende zoons gaat. Haar man die absoluut geen Engels spreekt blijft hier. We komen de vier Duitsers weer tegen en besluiten samen een tour te boeken voor de volgende twee dagen. 's Avonds eten we samen in een restaurantje vlak bij ons hostel. Er is nog niemand in het restaurant. Er staat voetbal op en Collo Collo, de grootste voetbalclub van Chili speelt tegen een andere Chileense club. Uiteraard wordt het na de wedstrijd een stuk drukker. Maa dan vallen wij om van de slaap en besluiten naar bed te gaan. Het is half tien 's avonds. In Nederland dus half vier 's nachts.

Maandag 23 augustus 2010. Vannacht goed geslapen. Toch een beetje last van de jetlag, waardoor we om twee uur al weer wakker werden. Vandaag moeten we vroeg op. Maar dit is iets te vroeg. Om zes uur staan we voor de hostel en worden daar opgehaald door onze gids van vandaag. Hij heet Paul. De zon komt al snel op. We rijden over de woestijnvlakte waar alles redelijk vlak is. Aan de linkerkant zien we een bergkam. Het ziet er heel anders uit dan je van een bergkam verwacht. Compleet vlak schuin omhoog. Alsof alles door stromend water is gevormd.

Andean flamingo's
Rond zeven uur zijn we bij Laguna Chaxa. We zijn de eerste en zien heel veel flamingo's. Twee soorten: Andean en Chileno flamingo. En ongelofelijk dichtbij. Prachtig om te zien hoe ze door het water fourageren. Dit punt is het breedste stuk land van Chili. Hier heeft geen zee gestroomd. Er zijn dan ook geen fossielen gevonden in dit gebied. Al het zout komt van de bergen dat door stromend water is gevormd. In tegenstelling tot Bolivia is hier de zoutvlakte niet echt vlak. Doordat er te weinig regen valt wordt het zout niet opgelost, maar zakt het water door het zout heen. In dit gebied hebben ze slechts 25 mm regen per jaar. Dit komt door de Boliviaanse winter, die vooral daar genoeg regen laat vallen. Slechts een paar wolken halen het over de Andes naar Chili. Even later stoppen we in het dorpje Socaire op 3.260 meter hoogte. Hier lopen we een klein stukje om aan de hoogte te wennen. Paul geeft uitleg over de irrigatie kanalen. Twee keer per week wordt het gebied voorzien van water, waardoor het mogelijk is gewassen te telen. Ook laat hij een plant zien waar kruidenthee ricarica van gemaakt wordt. Een soort dun korrelig plantje wat een beetje naar rozemarijn ruikt. We stappen weer in de bus en rijden verder naar Laguna Miniques en Miscanti.

Na een hobbelig pad komen we bij het eerste meer aan. Miscanti is 15 km2 groot en waarschijnlijk gevormd door een gletsjer. Het is 150 meter diep. Helaas droogt het meer op, wat zichtbaar is aan de randen. Er loopt een groepje vicuna's en in het meer zwemmen Grote Meerkoeten en Andische meeuwen. We lopen langs het meer omhoog een heuvel over om bij het tweede meer te komen. Dit meer, Miniques, ligt vijf mete lager en wordt door een ondergrondse stroom water van Miscanti gevoed. Het is slechts 1,5 km2 groot. De wandeling is een flinke beproeving voor hoogteziekte. Het lichaam kan nu wennen aan de hoogte. We zitten nu op ongeveer 4.280 meter en voelen alleen een sneller kloppend hart. Maar dat schijnt normaal te zijn vanwege het lage zuurstofgehalte. Rond half twaalf gaan we terug naar beneden naar Socaire.

Op de terugweg legt Paul uit dat de platte rotsen, waarvan we dachten dat het lava was, as uit de vulkaan blijkt te zijn. Dit is weer bedekt met klei. Met het as kwamen ook gassen uit de vulkaan vrij. De grote gaten zijn ontstaan door gasbellen die in de tijd door erosie boven kwamen en leeg gelopen zijn.

In Socaire stoppen we voor lunch, gevolgd door een tussenstop in Toconao. De kerktoren in dit dorpje staat op het plein met daarachter een klein kerkgebouwtje. De klok in de toren is ongeveer 250 jaar oud. De toren is al vele malen opnieuw opgebouwd na diverse aardbevingen en branden. Het dak aan de binnenkant van de kerk is gemaakt van cactushout. Door de vele aardbevingen is er nog maar een klein stuk van cactus. De rest is van Boliviaans zwart bamboo gemaakt. Bij het altaar staat geen gekruisigde Jesus maar verschillende nissen met diverse beelden. Toen de Spanjaarden hier het Christelijk geloof wilden introduceren, was een kruis te confronterend. Het kruis is daarom links in een aparte vleugel geplaatst. De lokale geloven werden gebruikt als beelden in het centrale altaar.

Terug in San Pedro lopen we het dorpje in op zoek naar een inbus sleuteltje. Het statief zat een beetje los. Inmiddels weten we dat een inbussleutel niet heel gebruikelijk is. Uiteindelijk bij een hostel waar een man met draden van een pc bezig was, werden we geholpen. In het Spaans is een inbussleutel chavez alin (of zoiets). Dat weten we dus ook weer. Ook hebben we alvast een busticket geregeld voor aankomende zondag naar Salta. Ook hier geen enkel woordje Spaans, maar met een kalender en een plattegrond van de bus kunnen we twee tickets kopen. Nog even langs de supermarkt voor wate en koekes en dan kunnen we nog lekker genieten van de zon op ons terrasje.

Morgen nog vroeger op, want om vier uur worden we opgehaald om naar de Tatio geisers bij zonsopkomst te zijn. Maar weer vroeg naar bed...

zaterdag 21 augustus 2010

Op weg naar de zon (en winter)

Voordat we vertrekken van huis, lijkt het wel of we altijd moeten haasten. Hoe vroeg we ook opstaan. Het maakt niet uit. Hoe goed en uitgebreid onze reis is voorbereid, rugtassen inpakken moet altijd de laatste dag. Maar doordat gisteravond de telefoon roodgloeiend te keer ging, kwamen we daar niet aan toe. Iedereen wilde ons een goede en veilige reis wensen. Ontzettend bedankt allemaal!

Vanmorgen werden we heel vroeg wakker. Nog in het werkritme zullen we maar zeggen. Of zijn het gewoon reiszenuwen? Nadat het huis schoon gemaakt was voor onze gasten, de was gedaan was, werd het tijd om de rugtassen in te pakken. Alles past er in. Alleen het statief moest losgekoppeld worden om in de tas te passen. Uiteindelijk waren we één minuut voor tijd klaar. We werden opgehaald door de ouders van Brenda en naar Schiphol gebracht. Bij het inchecken bleek dat we 10 kg aan handbagage per persoon mochten meenemen. Dat gaat dus wel lukken. De rugtassen wogen bij elkaar nog geen 25 kg. Het normale gewicht van één koffer. We worden direct ingecheckt voor de nachtvlucht vanaf Madrid naar Santiago. Eenmaal door de douane begon dan eindelijk het vakantiegevoel. In het restaurant hebben we lekker gegeten. Brenda een wokschotel met rijst (dat moet ze bijna vier weken missen) en Niels een broodje en een kopje soep.

Tijdens onze maaltijd wordt een gate wijziging doorgegeven. We moeten naar B23 gaan. Na het eten lopen we naar de gate. Bij de gate is amper plek. Het toestel zal toch niet vol zitten? Iberia heeft een partner Japan Airlines, dus overal zitten kleine oosterse mensjes om ons heen. Het toestel heeft vertraging.Gelukkig hebben we twee en een half uur overstaptijd in Madrid. Even later rolt het vliegtuig binnen naar de gate. Het is een Airbus 321. We kunnen als één van de eerste instappen, want rij 23 t/m 35 wordt omgeroepen en wij zitten op rij 27, links achter de vleugel. Die Japannertjes zitten al op de eerste rijen. Tja, ze spreken vast alleen 'Tjangpang' taal. Het vliegtuig zit niet vol en wij hebben dus drie stoelen ter beschikking. We vertrekken om 19:47 van de gate. We taxiën naar de startbaan vlak voor Schiphol. Het duurt nog geen drie minuten voordat we los zijn van de grond. De vlucht gaat prima. Heerlijk zonnig weer en weinig bewolking. Alleen een beetje heiïg. We zijn vanmorgen zo vroeg opgestaan dat we allebei een beetje liggen te dutten. We hebben de pyreneëen helemaal gemist.

Om kwart voor tien moeten we de gordel weer om voor de landing. Het is nog steeds helder buiten. Alleen is de zon al onder. Om 22:03 landen we op Madrid. Een superzachte landing. Nog nooit meegemaakt dat we ons afvroegen of we al geland zijn. Heel bizar. Als we naar de terminal rijden komen we langs de intercontinentale Terminal 4S. Daar vertrekken we straks weer. Tien minuten later kunnen we van boord.

We lopen door de prachtige terminal en zien op een scherm dat we naar gate U62 moeten. We lopen richting de roltrappen en met een lift komen we beneden bij de metro. Het duurt een paar minuten voordat we kunnen instappen. Al snel vertrekt de automatische metro, dus zonder machinist, om vier minuten later
weer te stoppen bij Terminal 4S. Als we een stel roltrappen omhoog hebben genomen krijgen we paspoort controle. Pas over een uur kunnen we aan boord van het volgende toestel.

Als we bij de gate aankomen, staat het toestel er al. Benieuwd of het vol zit. Hopelijk is er wat vrij, waardoor we lang uit kunnen slapen tot morgen ochtend. Om kwart voor twaalf kunnen we naar binnen.

'Even' een stukje vliegen over de oceaan. Dus tot morgen!

dinsdag 10 augustus 2010

Staking? Nee toch?

Heb je net alles voor de reis geregeld: excursies vastgelegd, hostels en hotels geboekt, bustickets en vliegtickets geprint. En dan wordt er op 4 augustus een klein berichtje op nu.nl geplaatst. 'Luchtverkeersleiders in Spanje gaan deze maand in staking uit protest tegen loonsverlagingen en beroerde arbeidsomstandigheden.' Die gekken zijn van plan om in de derde week van augustus drie dagen achter elkaar te gaan staken. En je raadt het natuurlijk al. Dat zijn precies de dagen dat wij via Madrid naar Chili vliegen. 

Direct geïnformeerd naar alternatieve vluchten. Met Lufthansa was eigenlijk de enige optie. Wel met extra omboekingskosten en een veel langere reistijd. Dan toch maar even wachten. Na diverse onderhandelingen tussen regering en bond leek het er even op dat ze de stakingen zouden afblazen. Maar nadat afgelopen vrijdag de onderhandelingen stopgezet werden - ze kwamen niet verder dan 7 van de 12 eisen - bleef de dreiging van een staking. Na het weekend op maandag of dinsdag wilden de partijen weer opnieuw om de onderhandelingstafel zitten. Maandagavond waren alle alternatieve en betaalbare vluchten helaas volgeboekt.

Wetgeving
In Spanje doen ze dingen soms heel anders. Zo hebben ze een fantastische wet. Indien je gaat staken moet je dat minimaal 10 dagen ervoor aankondigen. Dus wij hoopten na afgelopen vrijdag dat ze voorlopig niet verder gingen onderhandelen en pas aankomende donderdag verder gingen onderhandelen. Want dat zou betekenen dat als ze gaan staken het op z'n vroegst een dag na ons vertrek is. Echter werd gisteren in de Spaanse krant 'El Mundo' geschreven dat vandaag om 12 uur de onderhandelingen hervat worden. Niet echt goed nieuws dus, tenzij ze tot een akkoord komen. De hele middag en avond gewacht. En zojuist kwam het verlossende woord: 'De Spaanse luchtverkeersleiders gaan niet staken in augustus'. Luid gejuich vanachter onze computers. We gaat toch! Of we terugkomen is dan nog de vraag. Maar dat vinden we toch iets minder erg...